We@Sea workshop SDE en financiering windturbineparken

Op 24 november 2009 was er in Utrecht een We@Sea workshop over de SDE regeling en de financiering van windturbineparken. Aanwezig waren ca. 30 personen uit de "offshore windenergie wereld". Belangrijk was de discussie over de vollast-uren regeling voor windenergie in de SDE (Subdisie Duurzame Energie).

Jos Beurskens, wetenschappelijk directeur van We@sea, startte met een inleiding over "opbrengsten en vollast-uren" (zie presentatie Jos Beurskens).

Zijn conclusie was:

Maximalisering van subsidie op basis van vollast-uren is fundamenteel fout omdat:

  • het aantal vollast-uren een manipuleerbare grootheid is;
  • het innovatie tegenwerkt;
  • het onderbenutting van het net in de hand werkt;
  • het te veel overbodig rekenwerk oplevert. Uiteindelijk wordt het aantal vollasturen berekend op basis van de opbrengst in kWh-en.

Daarna gaf David Molenaar van Siemens een presentatie, over de ongewenste effecten van de SDE op de stimulering van windenergie (zie presentatie van Siemens). Suggesties ter verbetering van de SDE zijn:

  • Stimuleer datgene wat je wilt realiseren: MWh
  • (zonder vollasturen plafond)
  • Overheid zorgt voor infrastructuur (e.g. stopcontacten op zee),
  • gelet op project overschrijdend karakter;

  • Differentieer subsidie eventueel naar windklasse;

  • Geef de voorkeur aan een transparante regeling,
  • met een lager tarief per kWh maar duidelijkheid, over de looptijd boven een onduidelijke / onzekere regeling, met een hoger tarief;

  • Beheersbaarheid: centrale coördinatie voor toewijzen windparken.

Anton van Wijk van Vestas liet zien dat door vollast-uren beperking in de huidige Subsidie Duurzame Energie, de stillere en veel meer producerende Vestas turbine, V112, niet wordt geplaatst vanwege een lagere SDE subsidie, terwijl dat uit oogpunt van geluid en opbrengst veel gewenster zou zijn.. De SDE subsidie stimuleert het opgestelde vermogen (in MW), maar niet de productie van schone elektriciteit, waar het eigenlijk om gaat. Het is een inefficiënt gebruik van het belastinggeld. (zie de presentatie van Vestas). Vanuit de beleidsdoelstellingen van VROM - zo veel mogelijk schone energie voor je geld -zouden de V90-2 en V112 moeten worden geplaatst, terwijl de SDE de financiering en dus plaatsing van de V90-3 stimuleert. De eerste twee turbines zitten veel eerder aan hun vollast-uren en produceren daarna alleen voor de grijze stroomprijs, terwijl de V90-3 veel minder snel aan het aantal vollast-uren komt en dus veel SDE krijgt.

Andere conclusies van Vestas:

  • Er zijn geen windarme gebieden in Nederland,
    Kijk maar naar alle windmolens aan de andere kant van de grens in Duitsland.
  • Windturbines worden geplaatst voor ongeveer 15 jaar en kunnen daarna worden vervangen of verwijderd.
  • De kosten van de opgewekte kWh is niet dezelfde als de kosten voor MW.
  • Er zijn geschikte windturbine (ontwerpen) voor alle windklassen in NL.

Na de lunch gaf Dirk Kooman, directeur van KBM Management BV en een oude rot in het vak "windenergie", een presentatie over de financiering van windturbineparken op zee. Dirk heeft als onafhankelijk adviseur veel ervaring in het financieren van windturbineparken. Zijn aanbevelingen voor een stimulering van windenergie waren:

  • maak de looptijd van de regeling voldoende lang in relatie met aflossingsperiode;
  • sta "upward-potentials" toe door mogelijkheden om rendementen te verbeteren door hogere opbrengst uit productie te stimuleren;
  • géén beperking in subsidiabele kWh?n.

Jaap Olthof directeur van WEOM/NUON deelde zijn ervaringen met het eerste Nederlandse windturbinepark Egmond aan Zee. Hij eindigde met de conclusies:

  • Offshore wind is nog geen uitgekristalliseerde bedrijfstak;
  • De technologische onzekerheden zijn nog niet voorbij;
  • Daar waar meer zekerheid, dan wel continuïteit kan worden gegeven vanuit regelgeving en financiële ondersteuning, moet dat derhalve zo veel mogelijk worden nagestreefd;
  • De keuze voor de kapitaalmarkt cq. grote ondernemingen om in Nederlandse offshore te investeren is niet evident.

Tot slot was er een presentatie van Dennis Schiricke van Outsmart over:

  • life cycle cost management
  • doelstellingen van belanghebbende
  • integratie van doelstellingen
  • verandering van de markt

In een gezamenlijke discussie werden conclusies getrokken voor een advies aan het Ministerie van Economische Zaken in verband met een evaluatie van de SDE in 2010.

Conclusies een aanbevelingen:

Algemeen:

  • Stimuleer MWh ipv MW;
  • Huidige regeling leidt niet tot maximaal rendement voor overheid per geïnvesteerde euro SDE;
  • Loslaten van vollasturenregeling leidt niet automatisch tot een open einde regeling (door maximaal 8760 uren per jaar en maximale turbineopbrengst);
  • Huidige SDE regeling basis voor toekomstige regeling;
  • Kijk ook naar de buren: zorg dat regeling minimaal concurrerend is.

Suggesties ter verbetering:

  • Schaf .8 / 1.25 regeling af (uiteraard in combinatie met verhoogd VLH plafond) ;
  • Vervang VLH plafond per jaar in maximum over looptijd regeling (alternatief: verruim plafond per jaar);
  • Beloon efficiëntere (ie meer VLH door eg grotere/slimmere rotor) windparken;
  • Schaf minimale basis elektriciteitsprijs af of verlaag deze sterk.
Posted by Chris Westra - 2009-11-27 00:00:00