We@Sea news General news |
Het gaat hard waaien in België De komende vier jaar wordt ca. 2 miljard Euro in drie offshore windparken voor de Vlaamse kust geïnvesteerd met in totaal ca. 850 MW opgesteld vermogen. Dat werd duidelijk in een gezamenlijke presentatieavond van de parken in Brugge afgelopen woensdag 13 september. Opmerkelijk is de grote eensgezindheid en zekerheid, waarmee overheden en projectontwikkelaars de plannen naar buiten brengen. Elk van de drie aanwezige directeuren benadrukte: uw succes is ook mijn succes. De avond was georganiseerd door het regionaal Sociaal-economisch Overlegcomité (RESOC) Brugge, waarin vertegenwoordigd organisaties van werkgevers, werknemers en gemeenten en provincie. In een gezamenlijke presentatie werden de plannen ontvouwd:
C-Power beschikt reeds over alle benodigde vergunningen. De overige twee beschikken sinds juni over een domeinconcessie. Figuur: C-Power bouwt vanaf 2007 (eerste 6 turbines) op de Thorton Bank. Het verwachte effect op de regionale werkgelegenheid is groot: volgens berekeningen van het ingenieursbureau 3E zal ca. de helft van alle investeringen lokaal kunnen neerslaan in zaken als hoogspanningskabels, elektrische bekabeling, veiligheids-/milieumonitoring, schepen om kabels te leggen, studiebureaus, fundering van de turbines, toeleveranciers voor turbinebouwer (w.o. de schakelkast). Dit gegeven heeft inmiddels de interesse van de politiek opgewekt en is mede de verklaring voor de grote eensgezindheid, waarmee geopereerd wordt. De politiek houdt van prognoses als "in 2020 werken evenveel mensen in België in de windindustrie als de autoindustrie". Op zo'n avond komt ook de gouverneur (Commissaris van de Koningin) en de verantwoordelijke gedeputeerde (zelfde functie als NL). De boodschap is duidelijk: de periode van plannen maken is voorbij, nu zal er op grote schaal geïnvesteerd worden. Alhoewel België slechts een fractie van de omvang van onze exclusieve economische zone bezit, is het er kennelijk in geslaagd om binnen een ruimtelijk structuurplan voor het duurzame beheer van de Noordzee een geschikte zone voor offshore wind af te bakenen. Deze ruimtelijke duidelijkheid in combinatie met een inmiddels stabiel beleidskader voor de stimulering van hernieuwbare bronnen heeft nu tot succes geleid: de industrie gaat daadwerkelijk investeren. Anders dan in Nederland wordt de bijdrage van deze parken aan de Kyoto-verplichtingen van België als noodzakelijk ervaren. De lat ligt niet hoog (6% duurzame elektriciteit in 2010), maar zonder deze parken is de doelstelling onhaalbaar. Door het gezamenlijk optrekken van overheden en de drie projectontwikkelaars is er ook ruime aandacht voor draagvlakvorming onder de bevolking, resulterend in concrete plannen voor (gezamenlijke) communicatie tijdens de bouw, een bezoekerscentrum, en mogelijkheden voor financiële participatie van burgers. De federale regering (België totaal) heeft samen met het betrokken bedrijfsleven de Noordzee Centrale opgericht ( www.noordzeecentrale.be ) om deze communicatie en draagvlakvorming gestalte te geven. Evenals de situatie in de omringende landen is ook hier de financiering van de kabels een strijdpunt. Met een verwachte afstand van slechts 40 km van het park van Belwind tot aan het eerste geplande park voor de kust van Engeland wordt de mogelijkheid van toekomstig internationaal stroomtransport uitdrukkelijk open gehouden. C-Power ( www.c-power.be ) bestaat uit een consortium van Interelectra, Dredging International en twee Waalse regio-investeringsmaatschappijen. Eldepasco ontleent zijn naam aan de beginletters van de partners: Electrawinds, Depret/Artes-groep, Aspiravi en het dochterbedrijf WE-Power van Colruyt. De grote warenhuisketen Colruyt is hier een opmerkelijke partner, geschikt voor draagvlakvorming en contact met publiek. Belwind is de Belgische dochteronderneming van Econcern, welke in het voorjaar met hulp van een grote kapitaalsinjectie verdere internationale groei aankondigde. Posted by Johan Swager - 2006-09-20 18:11:08
|